11 januari 2019 door Thijs in 'Algemeen'' | 1 Reactie(s)

Soms heeft de sneeuwconditie meer invloed op de moeilijkheidsgraad van een piste dan de steilheid. Op een steile helling vol verse sneeuw ski je heel anders dan op een ijzige rode piste. De sneeuwcondities zijn essentieel voor het gevoel dat je hebt op de ski’s. Wintersporters kunnen urenlang praten en discussiëren over de sneeuw. Naar aanloop van de wintersport over de sneeuwhoogtes, tijdens de wintersport over de staat van de pistes en na afloop over de prachtige afdalingen. In dit weblog een overzicht van de verschillende type sneeuwcondities.

Poedersneeuw

De favoriet van heel veel wintersporters. Poeder staat te boek als ‘de heilige graal’ van de sneeuwcondities. Zeker wanneer de verse sneeuw tot boven de enkels reikt, veranderen de skigebieden in één grote speeltuin. Met de brede poederski’s die tegenwoordig op de markt zijn, is off-piste skiën bovendien een stuk toegankelijker geworden. Met de juiste off-piste skitechniek is skiën door de poeder één groot feest.

Afdalen door de poedersneeuw

Supersneeuw

Supersneeuw is de ietwat subjectieve term voor sneeuw die te mooi is om waar te zijn. In deze vorm van sneeuw lijkt iedereen goed te kunnen skiën en worden foutjes niet direct afgestraft. Deze vergevingsgezinde sneeuw is vers, niet al te diep en heeft een stevige onderlaag om toch goede bochten te kunnen maken.

Ribbelsneeuw / corduroy

Wie ’s morgens vroeg op de pistes staat, kan er optimaal van profiteren; vers geprepareerde pistes met ribbelsneeuw. De pistebully’s hebben weer met man en macht gewerkt om de pistes om te toveren tot geribbelde tapijten. Verse corduroy leent zich uitstekend voor het maken van grote bochten op hoge snelheid. Ribbelsneeuw kent geen verrassingen en is zowel voor beginners als experts goed te skiën.

Vers geprepareerde piste

Crud sneeuw

Crud sneeuw komt voor wanneer een off-piste afdaling al flink is gespoord. Hierdoor krijg je een mix van losse en compacte sneeuw die crud wordt genoemd. Dit type sneeuw is onvoorspelbaar en vereist een goede balans en techniek van de skiër.

Crust sneeuw

Crust is de harde laag/korst die ontstaat nadat sneeuw vastvriest aan een zachtere laag. Wanneer sneeuw smelt en deze later weer opvriest, is er sprake van crust.

Crust sneeuw buiten de piste

Firn sneeuw

Firn of corn komt met name voor tijdens het voorjaar wanneer de sneeuw door de zon smelt en later weer bevriest. Wanneer dit proces zich meerdere keren herhaalt ontstaan er grote korrelachtige kristallen. Firn komt zowel voor op als naast de piste. Een mooie firnafdaling vraagt om goede timing: te vroeg gaan skiën betekent harde sneeuw, te laat betekent te zachte sneeuw.

Slush

Ga je in het voorjaar te laat op de ski’s, dan is de Firn verandert in slush. Slush staat gelijk aan smeltende sneeuw en hierin is het niet lekker skiën. Door het water word je afgeremd en bochten draaien gaat een stuk lastiger. Even niet opletten staat gelijk aan een valpartij en dan heb je een nat pak.

In welk type sneeuw ski jij het liefst? Laat een reactie achter!

Snowboarder in de slush

Reactie(s)

Laat een reactie achter

Tijdens de wintersport staat Thijs het liefst ’s ochtends als eerste bij de lift en komt hij als laatste weer beneden. Tussendoor is er altijd tijd voor een goede Apfelstrudel of Schnitzel. Ook de après-ski slaat hij niet over.

Wintersport aanbiedingen
travel Top 3
Wintersport aanbiedingen