Sommige dingen op de piste blijven me verbazen. Mensen die met z'n achten naast elkaar stilstaan, precies waar iedereen langs moet. Skiërs die met een noodgang over een drukke blauwe piste vliegen. Of iemand die besluit dat vlak achter een heuveltop dé ideale plek is om even de telefoon te checken. Natuurlijk bestaan er officiële pisteregels, maar daarnaast zijn er ook genoeg ongeschreven regels. Dingen waarvan je zou denken dat iedereen ze wel begrijpt. Toch blijkt dat in de praktijk soms anders. Tijd voor een nieuwe aflevering van ‘Hoe heurt het eigenlijk?’. En vooruit, ik zal ook maar meteen iets opbiechten...
De 10 FIS-pisteregels: die kennen we natuurlijk allemaal
Tenminste, dat hoop ik. De internationale skifederatie FIS heeft tien officiële gedragsregels opgesteld. Die gaan onder andere over je snelheid aanpassen, veilig inhalen, voorrang verlenen, stoppen op de piste en hulp bieden bij ongelukken. Het zijn geen vrijblijvende tips, maar belangrijke regels om het voor iedereen veilig te houden.
Toch zijn er daarnaast heel wat situaties die niet zo zwart-wit zijn. Want mag je eigenlijk de hele pistebreedte gebruiken? Hoeveel ruimte moet je iemand geven bij het inhalen? En hoe lang blijf je wachten achter die ene wintersporter die het volledige bospad nodig heeft voor iedere bocht?
Daar wil ik het vandaag eens over hebben.
De hele piste is van mij! Of toch niet?
Ik houd van mooie, brede (carve) bochten. Zeker 's ochtends vroeg, als de piste nog lekker strak geprepareerd is en er nauwelijks iemand onderweg is. Van links naar rechts, lekker ritmisch. Heerlijk!
Maar er zijn ook mensen die datzelfde doen wanneer het inmiddels behoorlijk druk is. Van de ene pistekant helemaal naar de andere, om vervolgens weer terug te gaan. En ondertussen probeert de rest van de wintersporters ergens een gaatje te vinden.
Nu moet ik hier wel even iets rechtzetten: de skiër die van achteren komt, is natuurlijk verantwoordelijk voor veilig inhalen. Je hoeft dus niet ineens kaarsrecht naar beneden omdat iemand achter je sneller wil skiën, maar: maak wel een beetje gelijke bochten. Zodat we een beetje kunnen inschatten wat je nou aan het doen bent.
Een beetje rekening houden met de drukte om je heen kan natuurlijk geen kwaad. Je hoeft echt niet iedere bocht tot aan de pisteafzetting af te maken.
Het bospad waar niemand meer voorbij kan
Nog zo eentje. Een smal verbindingspad en voor je een groep die de volledige breedte nodig heeft. De een gaat naar links, de ander naar rechts en nummer drie besluit halverwege ineens stil te staan.
Voor je het weet, ontstaat er een hele optocht. Alleen ontbreekt de muziek.
Natuurlijk begrijp ik dat niet iedereen even gemakkelijk zo'n smal pad afkomt. Voor sommige beginners zijn die verbindingsstukken zelfs lastiger dan een brede rode piste. Maar als je merkt dat er inmiddels twintig mensen achter je zitten, is het misschien een idee om op een veilige plek even ruimte te maken.
En andersom: als je er niet veilig langs kunt, zul je toch echt even geduld moeten hebben. Ook als je denkt dat je met een indrukwekkende inhaalmanoeuvre nog wel tussen twee skiërs door past.
De piste is geen ontmoetingsplein
Met acht vrienden op wintersport. Gezellig! Iedereen is eindelijk beneden, de handschoenen gaan uit en iemand wil nog even vertellen wat er tijdens de vorige afdaling gebeurde.
Prima natuurlijk. Maar waarom moet dat precies midden op de piste? En dan ook nog allemaal naast elkaar?
Het liefst op zo'n plek waar drie pistes samenkomen en de helft van de wintersporters nog moet bedenken welke kant ze op willen.
Ik heb er niets op tegen dat mensen even stoppen. Dat doe ik zelf ook. Voor een foto, om op iemand te wachten of omdat ik weer eens iets uit mijn jaszak nodig heb. Maar zoek een overzichtelijke plek aan de zijkant en laat ruimte over voor anderen.
En vlak achter een heuveltop stoppen? Dat is niet alleen onhandig, maar volgens de officiële FIS-regels ook verboden als je daar zonder noodzaak op een onoverzichtelijke plek stilstaat.
Dus nee, ook niet als het uitzicht daar toevallig heel mooi is.
Hoeveel afstand is eigenlijk genoeg? Oeps...
Nu komen we bij een onderwerp waarbij ik misschien zelf ook even in de spiegel moet kijken.
Schijnbaar ski ik namelijk nog weleens behoorlijk dicht langs andere mensen. Dat heb ik inmiddels van meerdere kanten en geschrokken - voornamelijk minder ervaren wintersporters - gehoord. De schrikreactie is soms duidelijk. Oeps.
Voor mijn gevoel is er dan echt nog meer dan genoeg ruimte. Ik heb de situatie bekeken, weet waar ik naartoe wil en ben er alweer voorbij voordat de ander er erg in heeft.
Alleen zit daar natuurlijk precies het probleem. Wat voor mij voelt als een keurige inhaalactie, kan voor iemand anders behoorlijk schrikken zijn.
En als ik erover nadenk, snap ik dat ook wel. Zeker wanneer iemand nog niet zo zeker op de ski's staat. Die weet niet dat ik denk alles onder controle te hebben. Die ziet alleen ineens iemand vlak naast zich voorbijschieten.
Er bestaat geen vaste afstand in meters die je bij het inhalen moet aanhouden. Volgens de FIS-regels moet je voldoende ruimte laten voor alle bewegingen van degene die je passeert.
Misschien moet ik mijn persoonlijke definitie van 'voldoende ruimte' dus toch iets bijstellen.
Bij deze beloofd: ik ga erop letten.
Hard skiën is leuk. Maar je bent niet alleen.
Ik vind het heerlijk om lekker sportief te skiën. Een mooie, rustige piste, goede sneeuw en dan lekker tempo maken. Daar is op zichzelf niets mis mee.
Maar er zijn ook wintersporters die lijken te denken dat iedere afdaling een kwalificatieronde voor de World Cup is.
Vooral op drukke blauwe pistes verbaas ik me daarover. Overal kinderen, beginners en mensen die rustig hun bochten maken, terwijl er iemand tussendoor schiet alsof er beneden een gouden medaille ligt te wachten.
En laten we eerlijk zijn: hard kunnen skiën is niet hetzelfde als goed kunnen skiën.
Een goede skiër weet juist wanneer hij snelheid moet minderen. Je snelheid aanpassen is bovendien gewoon een officiële FIS-regel. En wie zich echt gevaarlijk gedraagt, kan afhankelijk van het land en skigebied zelfs een sanctie krijgen.
Misschien toch iets om aan te denken voordat je weer vol gas tussen de skiklasjes door gaat.
Geen controle? Terug naar de skischool!
Iedereen moet leren skiën. Daar heb ik alle begrip voor. Niemand wordt geboren met een perfecte parallelbocht.
Maar soms zie je iemand een piste afkomen waarbij je denkt: dit gaat niet helemaal goed.
De ski's wijzen recht naar beneden, de snelheid loopt steeds verder op en de enige remtechniek lijkt te bestaan uit heel hard hopen dat het goed afloopt.
Of iemand is door vrienden meegenomen naar een zwarte piste, terwijl de rode eigenlijk al behoorlijk spannend was.
Dan is het misschien tijd om even een stapje terug te doen.
Een skiles nemen is geen schande. Sterker nog, daar kun je op ieder niveau iets van leren. En je vrienden hoeven ook niet per se te bepalen welke piste jij aankunt.
Liever een bochtje extra op blauw dan ongecontroleerd naar beneden op zwart.
Gesloten betekent gesloten. Ook voor jou.
Je kent ze wel. Van die afdalingen waar een bordje 'gesloten' voor staat, maar die er eigenlijk fantastisch uitzien.
Een mooi laagje sneeuw, niemand op de piste en misschien zelfs nog verse sporen van iemand die je voorging.
En dan is er altijd wel iemand die denkt: ach, dat kan vast wel.
Nee dus.
Een piste is niet voor niets gesloten. Misschien zijn er lawinewerkzaamheden, is de piste nog niet veilig of zijn er pistebully's met lieren aan het werk. Dat laatste wil je echt niet tegenkomen.
En dat jij hier al twintig jaar op wintersport komt, verandert daar helemaal niets aan.
Het bordje is niet bedoeld als suggestie.
Après-ski en daarna nog naar beneden?
Ik houd van een gezellig terras. Een drankje in de zon, leuke muziek, nog even blijven hangen. Hoort voor veel mensen gewoon bij de wintersport.
Maar na een middag flink après-skiën nog op je ski's stappen? Wat mij betreft echt een no-go.
Toch zie je het gebeuren. Mensen die amper nog recht naar de uitgang van de berghut kunnen lopen, maar er heilig van overtuigd zijn dat ze nog prima naar het dal kunnen skiën.
'Ik kan echt nog wel skiën!'
Dat geloof ik best. Alleen is het misschien verstandiger om dat vandaag niet meer te bewijzen.
Alcohol heeft invloed op je reactievermogen, evenwicht en beoordelingsvermogen. Precies de dingen die je op de piste nodig hebt. Bovendien breng je niet alleen jezelf in gevaar, maar ook anderen.
Dus weet je dat het gezellig gaat worden? Zorg dat je daarna niet meer hoeft te skiën. Zoek vooraf uit of je met de lift naar beneden kunt of regel ander vervoer.
Een beetje geduld met beginners mag ook wel
Tot slot eentje die we allemaal weleens vergeten. Niet iedereen skiet even gemakkelijk.
Voor jou is die blauwe piste misschien een ontspannen warming-up. Voor iemand anders is het de grootste uitdaging van de hele vakantie.
Ja, beginners maken soms onverwachte bochten. Ja, kinderen kunnen ineens een compleet andere kant op skiën. En ja, soms moet je daardoor even afremmen of wachten.
Maar we zijn allemaal ooit begonnen.
Bovendien wordt niemand beter van iemand die op een halve meter afstand achter hem blijft skiën. Of demonstratief zucht omdat het allemaal niet snel genoeg gaat.
Geef elkaar een beetje ruimte. Letterlijk én figuurlijk.
En, hoe heurt het nou eigenlijk?
Als ik dit allemaal zo opschrijf, lijkt het alsof ik me de hele dag aan andere wintersporters erger. Dat valt gelukkig reuze mee. Meestal geniet ik gewoon van het skiën en heb ik helemaal geen tijd om op anderen te letten.
Maar soms vraag ik me wel af waarom bepaalde dingen zo moeilijk zijn. Even aan de kant gaan staan, een beetje afstand houden of je snelheid aanpassen. Het zijn toch geen ingewikkelde verzoeken?
Al moet ik dus zelf blijkbaar ook nog aan dat afstand houden werken.
Misschien is dat uiteindelijk wel de belangrijkste ongeschreven regel: denk niet alleen aan jezelf, maar ook aan de mensen om je heen.
En mocht ik deze winter toch iets te dicht langs je skiën, dan mag je me daar gerust op aanspreken.
Het liefst wel beneden bij de lift. Niet midden op de piste.